Bedrijven die onder de reikwijdte vallen van het Activiteitenbesluit milieubeheer hebben de plicht om energiebesparende maatregelen te nemen. Per 1 januari 2019 moeten diezelfde bedrijven bij het bevoegd gezag ook een rapport aanleveren met de genomen energiebesparende maatregelen. Er geldt nu dus naast een energiebesparingsplicht ook een informatieplicht.

Hoe was het geregeld voor 1 januari 2019?
Het Activiteitenbesluit milieubeheer (hierna: Activiteitenbesluit) verplicht bedrijven om alle mogelijke energiebesparende maatregelen te nemen die binnen vijf jaar kunnen worden terugverdiend. Deze energiebesparingsverplichting geldt alleen voor inrichtingen (bedrijven) van het type A (bedrijven met weinig milieubelasting, bijvoorbeeld een school) en het type B (bedrijven met meer milieubelasting dan bedrijven van het type A, bijvoorbeeld een garagebedrijf). Daarnaast geldt deze verplichting voor bedrijven van het type A en het type B alleen wanneer deze bedrijven middelgrote of grote energiegebruikers zijn. Een middelgrote energiegebruiker is een bedrijf met een elektriciteitsverbruik van 50.000 kWh tot 200.000 kWh per kalenderjaar of een bedrijf met een gelijkwaardig aardgasverbruik van 25.000 m3 tot 75.000 m3 per kalenderjaar. Een grote energiegebruiker is een bedrijf met een elektriciteitsverbruik van minimaal 200.000 kWh per kalenderjaar of een gelijkwaardig aardgasverbruik van minimaal 75.000 m3 per kalenderjaar.

Deze bedrijven nemen op grond van het Activiteitenbesluit als uitgangspunt bij het nemen van energiebesparende maatregelen de Erkende Maatregelenlijst energiebesparing (hierna: EML).

Wat is er veranderd per 1 januari 2019?
Vanaf 1 januari 2019 geldt de informatieplicht voor inrichtingen van het type A en het type B die middelgrote of grote energiegebruikers zijn. Aan deze informatieplicht is voldaan wanneer het bedrijf vóór 1 juli 2019 een rapport heeft opgestuurd aan het bevoegd gezag via het e-loket van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (hierna: de RVO). In dit rapport moeten de genomen energiebesparende maatregelen worden beschreven.

Waarom is de informatieplicht ingevoerd?
In 2013 is het Energieakkoord tot stand gekomen. Het Energieakkoord is een overeenkomst tussen de overheid en organisaties over onder meer energiebesparing. Bij de totstandkoming van het Energieakkoord werden volgens de Nota van Toelichting wijziging Activiteitenbesluit Wet Milieubeheer (hierna: NvT) hoge besparingseffecten verwacht van de naleving van de Wet milieubeheer (het Activiteitenbesluit is een algemene maatregel van bestuur ter ondersteuning van de Wet milieubeheer). Echter bleek uit de Nationale Energieverkenning 2017 dat de doelen uit het Energieakkoord mogelijk niet worden gehaald. In de Nationale Energieverkenning 2017 kwam naar voren dat het toezicht op en de handhaving van de energiebesparingsverplichting tegen hindernissen aanloopt.

Volgens de NvT komen de doelen van het Energieakkoord door de invoering van de informatieplicht weer binnen handbereik. De overheid heeft nu immers geen inzage in de wijze waarop bedrijven aan de energiebesparingsplicht voldoen en dat belemmert een efficiënte handhaving bij de energiebesparingsplicht. De informatieplicht zal duidelijkheid creëren voor het bevoegd gezag over de door bedrijven genomen maatregelen.

Uitzondering op de informatieplicht
Bedrijven die deelnemen aan het convenant Meerjarenafspraken Energie efficiëntie zijn uitgezonderd van de informatieplicht, maar moeten uiteraard wel voldoen aan de energiebesparingsplicht. Deze bedrijven gaan samen aan de slag met energiebesparing, energiemanagement, een energie-efficiëntieplan en monitoren de resultaten. De betrokken brancheorganisaties stellen ‘routekaarten’ op die zijn gericht op innovatieve trajecten voor energie-efficiencyverbeteringen. Deze kaarten bieden de bedrijven inzicht in de kansen op de lange termijn.

Wat zijn de gevolgen voor het bedrijfsleven?
De informatieplicht heeft gevolgen voor het bedrijfsleven. Ieder bedrijf waarvoor de energiebesparingsplicht geldt, neemt verplicht energiebesparende maatregelen. Daarvan moet een rapport worden opgesteld en dit rapport moet vóór 1 juli 2019 zijn ingeleverd bij het bevoegd gezag via het e-loket van de RVO. In het rapport staat een overzicht van de energiebesparende maatregelen die zijn genomen. Hierbij geldt als uitgangspunt de EML. Volgens de NvT moet een bedrijf als het een maatregel neemt ter vervanging van een maatregel op de EML, in het rapport motiveren dat de genomen maatregel ten minste een gelijkwaardig energiebesparend effect heeft als de EML-maatregel.

Voor bedrijven die minimaal 250 FTE in dienst hebben of een jaaromzet van meer dan 50 miljoen euro en een jaarlijks balanstotaal van meer dan 43 miljoen euro, geldt een afwijkende termijn. Dit zijn Energy Efficiency Directive ondernemingen (hierna: EED-ondernemingen). Deze EED-ondernemingen hebben naast de energiebesparingsplicht ook een plicht om een energie-audit uit te voeren. Zij hoeven pas op 5 december 2019 een eerste rapport aan te leveren.

Indien een bedrijf voor het eerst aan zijn informatieplicht heeft voldaan, geldt vervolgens dat een bedrijf eens per vier jaar een rapport indient bij het bevoegd gezag. De ingeleverde rapporten zullen worden gebruikt bij de controle van de energiebesparingsplicht. Het doel daarvan is om met de informatie uit het rapport in kaart te brengen of toezicht nodig is. Wanneer bij het bevoegd gezag twijfel bestaat of een bedrijf zich wel aan de energiebesparingsverplichting houdt, vindt een controle plaats. Als een bedrijf zich na de hercontrole nog steeds niet aan de energiebesparingsplicht houdt, treedt het bevoegd gezag handhavend op. Dit kan bijvoorbeeld door een dwangsom op te leggen.

De informatieplicht bij de energiebesparingsverplichting leidt dus tot meer lasten voor bedrijven. Bedrijven moeten niet alleen energiebesparende maatregelen nemen, maar daarnaast moeten ze ook bewijzen dat ze die verplichting nakomen.

Samenvatting
De bedrijven van het type A en het type B die daarnaast ook middelgrote of grote energiegebruikers zijn moeten alle energiebesparende maatregelen nemen met een terugverdientijd van vijf jaar of minder. Het uitgangspunt hierbij is de EML. Vanaf 2019 moeten deze bedrijven ook een rapport aanleveren met de genomen maatregelen. Dit rapport moet vóór 1 juli 2019 worden ingeleverd bij het e-loket van de RVO. Daarna geldt de plicht om eens per vier jaar een rapport aan te leveren.

Als een bedrijf gebruik maakt van een andere maatregel dan genoemd op de EML, moet worden gemotiveerd waarom die maatregel eenzelfde energiebesparend effect heeft als de EML-maatregel. Tot slot geldt een uitzondering op de informatieplicht voor bedrijven die deelnemen aan het convenant Meerjarenafspraken Energie efficiëntie.

De informatieplicht zal duidelijkheid creëren voor het bevoegd gezag over de door bedrijven genomen maatregelen. Hierdoor zullen de doelen van het Energieakkoord weer binnen handbereik komen.

Catch Legal, Linde Geerse

Heeft u vragen overgehouden na het lezen van dit artikel, of heeft u een andere bestuursrechtelijke vraag? Neem gerust contact met ons op.