Van entiteit tot belanghebbende

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State gaat in haar uitspraak van 23 april 2014 in op het belanghebbende-begrip in het geval van andere entiteiten dan natuurlijke en rechtspersonen (ECLI:NL:RVS:2014:1439).

Inleiding
Het is van belang om te bepalen of iemand als belanghebbende kan worden aangemerkt, aangezien op grond van artikel 8:1 van de Algemene wet bestuursrecht alleen een belanghebbende het recht toekomt om tegen een besluit beroep (en daarmee ook bezwaar) in te stellen. Indien de eiser geen belanghebbende is bij het besluit, zal de bestuursrechter het beroep ‘niet-ontvankelijk’ verklaren en blijft een inhoudelijk oordeel over het bestreden besluit achterwege. Een belanghebbende kan zowel een natuurlijk persoon als een rechtspersoon zijn. In de jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (verder: de Afdeling) is al eerder bepaald dat ook andere entiteiten dan natuurlijke en rechtspersonen als belanghebbenden kunnen worden aangemerkt, mits zij herkenbaar zijn in het rechtsverkeer.

De zaak
De burgemeester van Rotterdam heeft Occupy Rotterdam verboden om de demonstratie op het Beursplein tijdens een aantal grote evenementen voort te zetten. Occupy Rotterdam gaat tegen dit besluit in beroep. De rechtbank Rotterdam is van oordeel dat Occupy Rotterdam niet als belanghebbende kan worden aangemerkt en verklaart het beroep om deze reden niet-ontvankelijk (ECLI:NL:RBROT:2013:BY9428). Volgens de Rechtbank is niet gebleken dat Occupy Rotterdam beschikt over een rechtspersoonlijkheid, bestuur, statuten, reglement of op een andere wijze herkenbaar is in het rechtsverkeer. Ook zijn geen bewijsstukken overgelegd waaruit de samenwerking of structuur van het samenwerkingsverband blijkt. De rechtbank erkent de eerdergenoemde jurisprudentie van de Afdeling, maar komt tot de conclusie dat deze voorwaarden niet op Occupy Rotterdam van toepassing zijn.

Occupy Rotterdam kan zich niet verenigen met de uitspraak en gaat in hoger beroep. De Afdeling volgt het standpunt van de rechtbank niet. Occupy Rotterdam is volgens de Afdeling een samenwerkingsverband van personen die eenzelfde doel nastreven. Ook organiseert Occupy Rotterdam verscheidene activiteiten en presenteert het zich naar buiten als een eenheid. Deze omstandigheden maken dat Occupy Rotterdam aangemerkt kan worden als een entiteit die herkenbaar is in het rechtsverkeer en daarmee ook belanghebbende is bij het bestreden besluit.

Voor Occupy Rotterdam heeft de uitspraak van de Afdeling niet mogen baten. Hoewel de Afdeling van oordeel was dat het samenwerkingsverband wel belanghebbende was bij het besluit, verklaarde zij het hoger beroep inhoudelijk ongegrond.

Catch Legal, Merel Brinkman.
Meer weten? Neem gerust contact op.

Interessant artikel?

Share on facebook
Deel op facebook
Share on twitter
Deel op Twitter
Share on linkedin
Deel op Linkdin
Share on email
Deel via mail

Laat een bericht achter

Gerelateerde berichten