Vijf belangrijke feiten over de Coronawet

Op 1 december 2020 trad na de nodige discussie de Tijdelijke wet maatregelen Covid-19 (hierna: Coronawet) in werking. Deze wet, die geldt op rijksniveau, vervangt de verschillende noodverordeningen. De noodverordeningen golden op het niveau van de gemeente en veiligheidsregio’s en zijn sinds maart 2020 in het leven geroepen. Naar alle verwachting zijn we voorlopig nog niet af van het coronavirus en zullen we nog een tijd te maken hebben met verschillende maatregelen. Omdat noodverordeningen zien op een acute situatie maar de coronamaatregelen langer nodig zijn, is ervoor gekozen om een Coronawet op te stellen.  In deze blog worden de belangrijkste punten van de Coronawet aangestipt.

Tijdelijk karakter

De Coronawet heeft een tijdelijk karakter. Dit houdt in dat de Coronawet in eerste instantie drie maanden na de inwerkingtreding weer vervalt. Daarnaast is het mogelijk om bepalingen of onderdelen eerder te laten vervallen en is het mogelijk om de Coronawet met drie maanden te verlengen. Dit betekent dat de Coronawet al per 1 maart 2021 vervalt als deze niet wordt verlengd. De verlenging kan alleen plaatsvinden door een Koninklijk besluit. Dit houdt in dat de regering, koning en alle ministers, dit besluit nemen. Voordat dit besluit kan worden genomen moet het parlement instemmen met de verlenging. Daarnaast dient ook advies te worden gevraagd aan de Raad van State.

Raamwet

De Coronawet is een raamwet. Dit houdt in dat als je de Coronawet leest, je weinig concrete maatregelen vindt. De specifieke maatregelen bevinden zich in ‘ministeriële regelingen’. De verschillende ministeries zijn verantwoordelijk voor het opstellen van deze regelingen. Het voordeel van deze constructie is dat ministeriële regelingen vrij snel tot stand kunnen komen. Met de snelle totstandkoming is het dus mogelijk om accuraat te handelen, wat van belang is bij de bestrijding van het coronavirus. Omdat de Coronawet een raamwet is, is het wel lastig om snel een overzicht te hebben van alle regels. Hiervoor moet je verschillende wetten en regelingen raadplegen.

Aanpassing andere wetten

De Coronawet past de Arbeidsomstandighedenwet, Arbeidsveiligheidswet, Wet kinderopvang, wegenverkeerswet en de Wet publieke gezondheid aan. De belangrijkste wijziging vindt plaats in de Wet publieke gezondheid (hierna: Wpg).

Aan de Wpg is een heel hoofdstuk toegevoegd met tijdelijke bepalingen voor de bestrijding van de epidemie Covid-19. Dit hoofdstuk geeft bevoegdheden aan bijvoorbeeld de minister, burgemeester en de voorzitter van veiligheidsregio’s. Zo krijgt de minister op grond van de Wpg de bevoegdheid om ministeriële regelingen op te stellen. In een regeling kan de minister bijvoorbeeld regels opnemen over het gebruik van een mondkapje. In sommige gevallen eist de Wpg dat de minister een ministeriële regeling maakt, dit geldt bijvoorbeeld bij het opstellen van regels over het houden aan de veilige afstand buiten een woning. In de Wpg zijn een aantal uitzonderingen opgenomen over wanneer de afstandseis niet geldt, in ministeriële regelingen kunnen extra uitzonderingen worden vastgelegd.

Verder zijn er in de Wpg andere onderwerpen opgenomen die verder kunnen worden uitgewerkt in ministeriële regelingen. Zo kunnen regels worden vastgesteld over de groepsvorming buitenshuis, over het niet of onder voorwaarden openstellen van publieke plaatsen en over evenementen die niet of slechts onder voorwaarden kunnen worden georganiseerd. In de Wpg is een zorgplicht opgenomen die inhoudt dat publieke plaatsen ervoor moeten zorgen dat er voorzieningen worden getroffen die het voor de aanwezige personen mogelijk maken om aan de coronamaatregelen te voldoen.

Van de aanpassing in de Wpg merken wij als burgers dus niet direct iets. Van de ministeriële regelingen die worden opgesteld op grond van de Wpg wel.

Avondklok

De avondklok is een van de maatregelen die al een tijd boven ons hoofd hangt en afgelopen weekend als maatregel is ingegaan Op grond van de Wpg kunnen burgemeesters maatregelen nemen op publieke plaatsen als blijkt dat de aanwezige personen zich niet aan de coronamaatregelen kunnen houden of als wordt gevreesd dat deze situatie ontstaat. Op grond hiervan zouden dus alle burgemeesters een avondklok kunnen instellen.

De Coronawet wordt niet gebruikt bij het instellen van de avondklok. Gebruik wordt gemaakt van de Wet buitengewone bevoegdheden burgerlijke gezag. Op grond van artikel 8 van deze wet is het mogelijk om ingeval van buitengewone omstandigheden de toegang naar open lucht te beperken.

Belangrijkste regelingen

De twee belangrijkste regelingen die onder de Coronawet zijn vastgesteld zijn de ’Regeling mondkapjesverplichtingen Covid-19’ en de ‘Tijdelijke regeling maatregelen Covid-19’.

Mondkapjesplicht

Waar de Coronawet zelf geen specifieke regels bevat over het dragen van een mondkapje staan deze wel in de Regeling mondkapjesverplichtingen Covid-19. In principe geldt voor iedereen met de leeftijd boven de dertien jaar in publieke binnenruimten, stations, luchthaven, onderwijsinstellingen en contactberoepen een mondkapjesplicht. Op deze mondkapjesplicht gelden uitzonderingen. Zo worden mensen waarbij het door een handicap niet mogelijk is om een mondkapje te dragen uitgesloten van deze regeling.

Algemene maatregelen

De Tijdelijke regeling maatregelen Covid-19 bevat meer algemene maatregelen over corona die we voor een groot deel al kennen uit de verschillende noodverordeningen. Zo staat in deze regeling gespecificeerd wie zich wel en niet aan de veiligheidsafstandsnorm van anderhalve meter moet houden. In deze regeling zijn ook regels opgenomen over de groepsvorming, activiteiten die wel of niet onder bepaalde voorwaarden plaats mogen vinden in publieke plaatsen, evenementen en bijzondere onderwerpen. Onder deze bijzondere onderwerpen vallen bijvoorbeeld de veiligheidsafstandsnorm bij sport, personenvervoer en contactberoepen.

Handhaving

De handhaving van de Coronawet, en de daaronder vallende wetten en regelingen, kan zowel via het bestuursrecht als strafrecht plaatsvinden. De burgemeester kan gebruik maken van een last onder dwangsom of een last onder bestuursdwang. Naast handhaven kan de burgemeester ook ontheffingen verlenen. Aan het verlenen van ontheffingen zijn strikte vereisten verbonden en over het voornemen tot het verlenen van een ontheffing moet advies worden gevraagd aan de GGD.

Daarnaast kunnen door politie en boa’s een geldboete worden opgelegd. De boete voor het overtreden van de anderhalve meter regels is € 95,- en voor het overtreden van een andere maatregel kan maximaal een bedrag van € 435,- worden opgelegd of maximaal 7 dagen hechtenis.

Conclusie

Met de komst van de Coronawet zijn er op nationaal niveau regelingen ontstaan die de verschillende noodverordeningen op regionaal niveau vervangen. De specifieke regels zijn te vinden in verschillende wetten en regelingen wat het lastig kan maken om snel een specifieke maatregel te vinden. Het voordeel is dat ministeriële regelingen snel kunnen worden opgesteld waardoor goed kan worden geanticipeerd op de steeds veranderende situatie van het coronavirus.

Omdat het coronavirus zich constant ontwikkelt komen er steeds nieuwe maatregelen of worden bestaande maatregelen aangepast. Het is dan ook de vraag of de Coronawet voorziet in voldoende mogelijkheden om alle coronamaatregelen op grond van deze wet op te stellen. De avondklok is de eerste, en misschien niet de laatste, maatregel die op grond van een andere wet dan de Coronawet tot stand komt. Als dit met meerdere maatregelen zou gebeuren ontstaat er een onoverzichtelijke brij aan maatregelen.

Catch Legal, Puc Ligtenberg (stagiaire dec 2020- jan 2021)

Heeft u vragen overgehouden na het lezen van deze blog of heeft u een andere bestuursrechtelijke vraag? Neem gerust contact met ons op.

Interessant artikel?

Share on facebook
Deel op facebook
Share on twitter
Deel op Twitter
Share on linkedin
Deel op Linkdin
Share on email
Deel via mail

Laat een bericht achter

Gerelateerde berichten