Tijdelijke wet digitale besluitvorming in werking getreden

Tot half maart 2020 was het heel gebruikelijk om in persoon te vergaderen, met tientallen in één ruimte. Vanwege de uitbraak van het coronavirus in Nederland is dit voorlopig ingewikkeld, er moet zoveel mogelijk worden gezocht naar alternatieven. Waar in het bedrijfsleven snel kan worden geschakeld en in no time via videoverbindingen werd vergaderd, is die omslag voor Nederlandse bestuursorganen niet zo eenvoudig. De Nederlandse wetgeving voorzag namelijk niet (voldoende) in de mogelijkheid van digitale besluitvorming. Op 7 april 2020, binnen enkele weken nadat de anderhalve-meter-maatregelen zijn opgelegd, is een wet aangenomen die digitale besluitvorming mogelijk maakt. Deze wet is op 9 april 2020 in werking getreden. 

Deze Tijdelijke wet digitale besluitvorming provincies, gemeenten, waterschappen en de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba (hierna: Spoedwet) geeft gemeenteraden, provinciale staten, algemeen besturen van waterschappen, besturen van gemeenschappelijke regelingen (samenwerking tussen gemeenten, provincies en waterschappen) en de eilandsraden van Bonaire, Sint Eustatius en Saba de mogelijkheid digitaal te besluiten. Dit was voor de Spoedwet nog niet mogelijk, althans niet volwaardig. De wet geeft namelijk wel beperkte mogelijkheden om besluiten te kunnen nemen waarbij minder mensen bijeen hoeven te komen.  

Wordt het quorum niet gehaald dan kan namelijk een nieuwe vergadering worden belegd waar het quorum niet meer geldt. Een quorum is een bij wet bepaalde minimum aantal aanwezige personen. Zo een tweede vergadering zonder quorum is dan beperkt tot de onderwerpen die op de agenda stonden van de eerste vergadering, waarbij het quorum niet werd behaald. Daarnaast is digitaal beraadslagen wel mogelijk. Wordt tijdens een digitale beraadslaging geen stemming gevraagd dan is stemming niet nodig omdat zeker is dat het voorstel zal worden aangenomen. In dat geval kan op grond van artikel 32, derde lid, van de Gemeentewet respectievelijk artikel 32, derde lid, van de Provinciewet een voorstel worden aangenomen.  

Bovengenoemde opties geven onvoldoende mogelijkheden om volwaardig te besluiten op afstand. In de periode dat de coronamaatregelen voortduren kan dit een onwenselijke druk leggen op volksvertegenwoordigers om bijvoorbeeld geen stemming te vragen. Ook kan het leiden tot een beperkt zichtbaar draagvlak voor belangrijke besluiten, wat de democratische legitimatie kan aantasten. Het is dan ook onwenselijk langdurig uitsluitend gebruik te kunnen maken van die opties. Overigens bood de wet geen enkele optie voor algemeen besturen van waterschappen om digitaal te besluiten.  

Digitale besluitvorming onder de Spoedwet 
De Spoedwet stelt een viertal eisen aan de digitale besluitvorming: 

  1. Ieder lid moet gegarandeerd beschikken over de technische mogelijkheden om toegang te hebben tot de beraadslaging en stemming. Hiermee wordt bedoeld dat ieder lid over de technische middelen moet beschikken met eventueel een instructie over de digitale omgeving. Technische mankementen staan volgens de Memorie van Toelichting bij de Spoedwet niet in de weg aan geldige besluitvorming; 
  1. Identificatie van raadsleden moet mogelijk zijn. Door de voorzitter, maar ook door de leden onderling en door het publiek; 
  1. Er is sprake van een live videoverbinding. Dit betekent dat een audioverbinding of stemmen via een app niet voldoende is; 
  1. De voorzitter moet in staat zijn de orde te handhaven, bijvoorbeeld door deelnemers het woord te ontnemen of door een volgorde van stemming te bepalen. 

Fysieke vergaderingen zijn en blijven (rekening houdend met de instructies van het RIVM) mogelijk. Voor de andere organen van gemeenten, provincies, waterschappen etc. geldt overigens dat digitale besluitvorming al mogelijk was. Daar heeft de Spoedwet dan ook geen betrekking op.  

Hoe de digitale besluitvorming precies vorm krijgt, is nog niet duidelijk en kan verschillen per bestuursorgaan. De Spoedwet geeft de mogelijkheid om bij ministeriële regeling technische voorschriften te stellen. Voor nu wordt aangekeken hoe de digitale besluitvorming wordt opgepakt door de bestuursorganen. Indien nodig, wordt nagedacht over een ministeriële regeling, blijkt uit de Memorie van Toelichting bij de Spoedwet.  

De Spoedwet vervalt op 1 september 2020, maar kan telkens worden verlengd met twee maanden. Hiermee wordt tegemoet gekomen aan een bezwaar dat de Afdeling advisering van de Raad van State had tegen het oorspronkelijke wetsvoorstel dat geen einddatum kende.  

Catch Legal, Zerliene Kruiver-Millenaar

Interessant artikel?

Share on facebook
Deel op facebook
Share on twitter
Deel op Twitter
Share on linkedin
Deel op Linkdin
Share on email
Deel via mail

Laat een bericht achter

Gerelateerde berichten