In Nederland mag je vaak niet zomaar verbouwen, zeker niet aan een rijksmonument. Op grond van artikel 2.1, eerste lid, onder f, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht is het namelijk verboden een rijksmonument in enig opzicht te wijzigen. Amsterdam heeft op dit moment 7528 rijksmonumenten. U kunt zich voorstellen dat dit nog weleens fout gaat.

Zo ook bij Little World Souvenirs. Aan de gevel van dit rijksmonument aan de Prins Hendrikkade 90 te Amsterdam was een rode zonwering aangebracht, zonder benodigde omgevingsvergunning. Toen de eigenaren een aanvraag hadden ingediend voor het aanbrengen van reclame op hun pand, ging het mis. Een toezichthouder kwam langs om te beoordelen of de aangevraagde situatie overeenkomt met de werkelijke situatie ter plaatse en merkte (terloops) de illegale zonwering op. Er volgde een last onder dwangsom om de zonwering te verwijderen en verwijderd te houden.

In beroep voerden de eigenaren aan dat in de buurt veel – volgens hun – vergelijkbare gevallen voorkomen waar niet tegen wordt gehandhaafd. Ze deden dus een beroep op het gelijkheidsbeginsel. Eén van de genoemde panden betreft dat van de buren: nummer 92. Ook hier gaat het om een rijksmonument met een niet vergunde – en dus illegale – zonwering. Het college gaf in beroep aan ook tegen de buren te zullen handhaven. De rechtbank ging om die reden niet mee in het beroep op het gelijkheidsbeginsel van de eigenaren.

Een jaar later werd de zaak voorgelegd aan de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (verder: Afdeling). Weer deden de eigenaren een beroep op het gelijkheidsbeginsel en voerde aan dat tegen de buren nog steeds niet werd gehandhaafd. Het college gaf aan dat nog geen integrale buurt- of straatgerichte controle had plaatsgevonden en dat daarom nog niet bij de buren was gehandhaafd.

Uiteindelijk krijgt Little World Souvenirs gelijk (ECLI:NL:RVS:2019:3256). De Afdeling begrijpt niet waarom het college handhaafde tegen Little World Souvenirs, aangezien de zonwering niets te maken had met de aangevraagde vergunning voor reclame en volgens het beleid van het college alleen integrale buurt- of straatgerichte controles aanleiding zijn voor handhavend optreden. Bovendien heeft het college er voor gekozen om bij de buren niet te handhaven, terwijl de eigenaren van Little World Souvenirs het college hier tijdens beroep al op hadden gewezen.

Samengevat is sprake van een schending van het gelijkheidsbeginsel, omdat het college geen blijk heeft gegeven van een consistent en doordacht bestuursbeleid over handhaving. Een beroep op het gelijkheidsbeginsel slaagt zelden, omdat daarvoor nodig is dat gelijke gevallen ongelijk worden behandeld. Vaak blijken gevallen toch niet helemaal vergelijkbaar. In deze zaak was dat wel het geval en dat was – voorlopig – de redding van de eigenaren. Het college wordt door de Afdeling opgedragen een nieuw besluit te maken. Wellicht krijgen de eigenaren dus alsnog een nieuwe last onder dwangsom voor hun kiezen. En misschien de buren ook wel…

Catch Legal, Zerliene Kruiver

Heeft u een vraag over een handhavingsprocedure of de toepassing van het gelijkheidsbeginsel, neem dan contact op met één van onze juristen.