Horeca

Een horecaonderneming beginnen kan vanwege de benodigde vergunningen ingewikkeld zijn. Maar laat u zich er niet door demotiveren. Wij nemen uw zorgen uit handen.

  • Wij vragen uw vergunningen aan
  • Wij weten wat u nodig heeft
  • Ruime advieservaring in de horecasector

Horeca?
Stel direct uw vraag:

Netwerk van regels

“Het is begrijpelijk dat je als horecaondernemer wel eens iets over het hoofd ziet.” – Marilu

Het starten van een horecagelegenheid kan een hele onderneming zijn. Niet alleen heeft de ondernemer een grote hoeveelheid vergunningen en toestemmingen nodig, ook moet er gedurende de exploitatie scherp worden gelet op de bestaande wet- en regelgeving. Daarom is het ook voor de reeds exploiterende horecaondernemer van groot belang om de relevante regelgeving scherp voor ogen te hebben. Denk aan alcohol schenken aan minderjarigen, sluitingstijden, geluidproductie en de aanwezigheid van een leidinggevende gedurende openingstijden. 

Overtreding van de wet- en regelgeving kan resulteren in een fikse boete of een andere bestuurlijke sanctie. Daar zit niemand op te wachten. Met het flinke netwerk aan regels waar de horecaondernemer aan moet voldoen, is een foutje snel gemaakt. Voorkomen is beter dan genezen, maar als het moet, kunnen onze ervaren juristen allebei.

Wij begeleiden al geruime tijd horecaondernemers zodat zij de tijd en ruimte hebben om te doen wat ze graag doen. Wij vragen (de verlenging van) vergunningen aan, adviseren tijdens de exploitatie en procederen tot aan de hoogste bestuursrechter van het land. Bij ons staat loyaliteit hoog in het vaandel en dat is terug te zien in onze werkwijze. U onderneemt en wij doen waar we goed in zijn. Dat noemen we een win-winsituatie. 

Meer informatie

De Algemene plaatselijke verordening (Apv) stelt regels in het kader van openbare orde en veiligheid. Elke gemeenteraad heeft zijn eigen Apv vastgesteld en dus gelden soms verschillende gemeentelijke regels voor het exploiteren van een horecabedrijf.

Wilt u eten en drinken serveren? Dan heeft u in de meeste gemeenten een exploitatievergunning nodig. Aan de exploitatievergunning kunnen eisen worden gesteld over de openingstijden, maar ook bijvoorbeeld over de leeftijd van de leidinggevenden. In sommige gemeenten geldt een exploitatievergunning voor vijf jaar, in andere gemeenten geldt de vergunning korter, bijvoorbeeld voor drie jaar. Ook kunnen aan de exploitatievergunning voorwaarden worden verbonden waar u zich als horecaexploitant aan dient te houden.

Deze toets op grond van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur (Wet Bibob) roept bij veel horecaondernemers nare associaties op. Dat is ook niet zo gek, nu de uitkomst van deze toets nare gevolgen kan hebben voor uw onderneming en omdat de toets langdradig en erg administratief is. Waar komt deze toets eigenlijk vandaan?

De Bibob-toets is in het leven geroepen om te voorkomen dat de overheid door het verlenen van een (horeca)vergunning criminele activiteiten faciliteert. De Bibob-procedure is tijdrovend en er wordt van de exploitant verwacht dat hij of zij verschillende formulieren invult en stukken indient. Als de formulieren niet correct of niet volledig zijn ingediend, kan de gemeente de aanvraag van de exploitatievergunning buiten behandeling stellen of zelfs weigeren. Om dit te voorkomen is het verstandig om u – voorafgaand aan het indienen van een aanvraag tot een exploitatievergunning – goed te laten informeren.

De meeste horecaondernemers schenken alcohol in hun café, bar of restaurant. Hiervoor heeft u op grond van de Drank- en Horecawet (DHW) een DHW-vergunning nodig. Deze vergunning is persoonsgebonden en kan dus niet van de vorige eigenaar worden overgenomen. Wanneer uw horecagelegenheid geopend is, moet altijd iemand aanwezig zijn die op de DHW-vergunning staat aangegeven als leidinggevende. Om op de DHW-vergunning te worden bijgeschreven, moet iemand minimaal 21 jaar oud zijn, beschikken over een Verklaring Sociale Hygiëne en ‘van goed levensgedrag zijn’.

Ook de horecagelegenheid zelf zal aan meerdere eisen moeten voldoen voordat de gemeente een DHW-vergunning kan verlenen. Deze eisen zijn terug te vinden in de Drank- en Horecawet en de bijbehorende besluiten. Denk hierbij aan bouwtechnische eisen zoals gescheiden toiletten voor dames en heren en een minimale plafondhoogte.

Het terras is in veel situaties een verlengstuk van uw onderneming. In de zomer is het terras onmisbaar, maar tegenwoordig blijven de terrassen ook in de winter vaak staan en zijn ze steeds beter ingericht om ook ‘s winters gasten te kunnen ontvangen. 

Wanneer u uw horecaonderneming wilt uitbreiden met een terras heeft u in de meeste gemeenten een terrasvergunning nodig. De terrasvergunning zit vaak bij de exploitatievergunning inbegrepen. In enkele gevallen heeft u een zelfstandige terrasvergunning nodig. In de terrasvergunning worden bijvoorbeeld de grootte en de openingstijden van het terras geregeld, maar ook bijvoorbeeld het plaatsen van terrasverwarming.

Het bestemmingsplan regelt of op de door u voorziene locatie een horecagelegenheid (al dan niet inclusief terras) is toegestaan. Heeft de betreffende locatie een horecabestemming, dan is een omgevingsvergunning niet nodig. Zijn op grond van het bestemmingsplan geen horeca-activiteiten toegestaan, dan zal een omgevingsvergunning voor het handelen in strijd met het bestemmingsplan op grond van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) nodig zijn. Mocht u zo’n omgevingsvergunning nodig hebben, dan raden wij u aan om eerst in overleg te treden met de gemeente, zodat bekeken kan worden of zij bereid is mee te werken aan het verlenen van een omgevingsvergunning.

Wilt u het pand verbouwen? Dan is op grond van de Wabo vaak een omgevingsvergunning voor bouwen nodig. Inpandige wijzigingen waarbij de brandcompartimentering of de draagconstructie niet gewijzigd wordt, kunnen veelal omgevingsvergunningvrij worden uitgevoerd.

Zware horeca kan het milieu flink belasten. Daarom gelden er verschillende regels en eisen die betrekking hebben op uw onderneming en hoe deze is ingericht. Denk bijvoorbeeld aan regels over de hoogte van de afvoerpijp in de keuken, de brandveiligheid en de maximale geluidssterkte. Maar ook de manier waarop u koolzuurhoudende tanks moet opslaan, is terug te vinden in milieuregelgeving. Die eisen en regels staan voornamelijk in het Activiteitenbesluit. Daarin staat ook dat ondernemers die starten met de activiteiten of deze veranderen, daarvan melding moeten doen. 

Wij raden u aan om u goed te laten informeren over de regels en eisen. Het is namelijk niet zo dat altijd alle milieueisen en -regels op uw horecagelegenheid van toepassing zijn. Aan de andere kant heeft u bij sommige speciale activiteiten een omgevingsvergunning milieu nodig, bijvoorbeeld bij het verbranden van afvalhout in een houtkachel.

Als er 50 personen of meer tegelijk in uw onderneming aanwezig kunnen zijn, moet u een gebruiksmelding doen bij de gemeente. Zoals uit de naam al blijkt, geeft u middels deze melding aan dat u een pand in gebruik gaat nemen. De gebruiksmelding regelt de brandveiligheid van het pand. U moet bij de gebruiksmelding onder andere een plattegrond van het pand overleggen waarop de vluchtroutes en blusvoorzieningen zijn aangegeven. De gebruiksmelding wordt verzonden naar de brandweer en de toezichthouder van de gemeente, zodat bij een calamiteit adequaat kan worden gehandeld.

U probeert uw onderneming te onderscheiden van andere horecazaken in de straat of omgeving. Dat is logisch. Herkenbare reclame aan de gevel van het pand kan daarbij helpen. Denk aan gevelreclame in de vorm van banieren, raambelettering, (on)verlichte gevelletters, een gevelbord of een lichtbak. In de gemeentelijke welstandsnota of het reclamebeleid is aangegeven welke eisen er worden gesteld aan gevelreclame. Ook kan voor het aanbrengen van gevelreclame een wijziging in de gevel nodig zijn. In dat geval moet u eerst een omgevingsvergunning aanvragen. Ook als u van plan bent reclame te plaatsen op een monument of een pand met beschermd stadsgezicht is een omgevingsvergunning nodig.

Blurring (mengvormen van horeca en detailhandel) komt steeds vaker voor. Bij blurring is het mogelijk om een (alcoholhoudend) drankje te schenken bij de kapper of om een goede fles wijn vanuit het restaurant te verkopen voor consumptie elders. Het lijkt een trend te worden, die evenveel voor- als tegenstanders kent. Maar wat zijn precies de regels voor blurring en welke veranderingen in de regelgeving zitten er aan te komen? 

Sinds de zomer van 2018 ligt er een initiatiefwetsvoorstel om de Drank- en Horecawet aan te passen. Met de voorgestelde wetswijziging worden de mogelijkheden met een DHW-vergunning ruimer. De scherpe scheiding tussen horeca en detailhandel moet daarmee verdwijnen. Voor de horecaondernemer wordt het mogelijk om nevenactiviteiten te exploiteren in dezelfde ruimte als waar alcoholhoudende drank wordt geschonken. Hiervoor moet dan een verzoek worden ingediend om de DHW-vergunning aan te passen of moet een nieuwe (zogenaamde) combinatievergunning worden aangevraagd. De andere kant van de medaille is dat het ook voor detailhandelsbedrijven mogelijk wordt om alcoholhoudende drank te verstrekken. Maar zij zijn uiteraard, net als horecaondernemers, gebonden aan de regels die de DHW voorschrijft over het verstrekken van alcoholhoudende drank. 

Wij houden de ontwikkelingen voor u in de gaten.