Staatsraad A-G Widdershoven is door de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (hierna: Afdeling) in september 2018 gevraagd om een conclusie te nemen over de gedoogverklaring en de vraag hoe deze zich verhoudt tot artikel 1:3 van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb). In artikel 1:3, eerste lid, van de Awb is de definitie van een besluit opgenomen. Of een gedoogverklaring kan worden aangemerkt als een besluit in de zin van de Awb is van belang voor de rechtsbescherming. Alleen tegen een besluit staat bezwaar en beroep open.

De conclusie van Widdershoven is gepubliceerd op woensdag 16 januari 2019. Volgens Widdershoven is een gedoogverklaring geen besluit in de zin van de Awb. Dat geldt ook voor het intrekken of weigeren van een gedoogverklaring. De reden hiervoor is dat een gedoogverklaring niet gericht is op een rechtsgevolg. Dat betekent in de zaak waarin de conclusie is gevraagd dat de overtreder, aan wie door het gemeentebestuur van Bladel de gedoogverklaring is afgegeven, deze gedoogverklaring niet kan aanvechten bij de bestuursrechter. Een gedoogverklaring houdt in dat het gemeentebestuur (onder voorwaarden) niet handhavend optreedt.

Indien de gedoogverklaring een afwijzing van een handhavingsverzoek inhoudt, kan de verzoeker om handhaving wel beroep instellen bij de bestuursrechter. De overtreder kan dat niet, omdat hij geen procesbelang heeft bij een rechterlijk oordeel over de afwijzing van het handhavingsverzoek. Voor de overtreder is immers geen sprake van een rechtsgevolg (zijn situatie verslechtert niet).

Is de gedoogverklaring ambtshalve afgegeven, dan geldt dat vanuit het oogpunt van de rechtsbescherming een gedoogverklaring, evenals de weigering en intrekking daarvan, alleen gelijkgesteld kan worden met een appellabel besluit indien er geen alternatieve route bestaat of als die route onevenredig bezwarend is. Als de overtreder bijvoorbeeld de mogelijkheid heeft om een aanvraag om omgevingsvergunning in te dienen en tegen het besluit op die aanvraag een bestuursrechtelijk oordeel kan krijgen, is sprake van een alternatieve route die niet onevenredig bezwarend is. Ook voor de eigenaar van het perceel in Bladel geldt volgens Widdershoven dat hij niet rechtstreeks kan opkomen tegen de gedoogverklaring, omdat hij via een alternatieve route een oordeel van de bestuursrechter kan krijgen.

De partijen krijgen nu de mogelijkheid om te reageren op de conclusie van Widdershoven. Daarna zal de Afdeling uitspraak doen. Of de Afdeling Widdershoven zal volgen in zijn conclusie, moeten we nog even afwachten. Houd daarom ons blog in de gaten!

Catch Legal, Merel Brinkman

Heeft u vragen overgehouden na het lezen van dit artikel, of heeft u een andere bestuursrechtelijke vraag? Neem gerust contact met ons op.